Column Désirée Dobma

Na een leuke werkdag neem ik een omweg langs de benzinepomp. Binnen groet ik de medewerker en houd mijn bankpas tegen de pinautomaat. “Hee, jij bent juf Désirée van de bso, toch?”

2030

20 november 2020

Zomaar een middag op de bso. Buiten bouwt een groep kinderen met allerlei materialen aan verstopplaatsen om ‘10 tellen in de rimboe’ te spelen. De kinderen werken samen, overleggen en helpen elkaar. Ik zie ook kinderen rennen en springen, van plas naar plas. Mooi zo! De motoriek wordt geoefend en bewegen is gezond voor lichaam en geest. Het is zelfs een van de voorwaarden om überhaupt te kunnen leren, bedenk ik me.

Op het podium binnen zie ik een meisje heerlijk dansen. Eromheen is een groepje kinderen druk aan het schrijven. Ze bereiden een voorstelling voor, hoor ik. Met enthousiaste kreten: “We gaan een decor maken!”, reppen ze zich naar de atelierruimte waar nog genoeg rollen behang liggen. In de eigen groepsruimte wordt ook druk gespeeld, als ineens Stephan aan komt rennen. Hoogrode konen en zijn haren in de war. Een boze blik: “Het ging mis buiten, juf.” Ik weet genoeg, het is niet de eerste keer dat hij ruziemaakt. “Wat zou je nu graag willen?” vraag ik. Hij weet het niet zo goed. “Wil je voor mij foto’s maken van wat iedereen aan het doen is?” Dat wil hij zeker! Ik vraag hem om ze mooi te bewerken, voor in de ouderapp. Hij maakt daar altijd zo iets leuks van! Stephan veert op, klaar om met zijn taak aan de slag te gaan. Maar niet voordat hij mij nog even verder heeft geholpen; want waarom krijg ik toch steeds de melding ‘ongeldige waarde’ als ik aanmeldingen voor de ouderavond verwerk in Excel?

20 november 2030 Na een leuke werkdag neem ik een omweg langs de benzinepomp. Binnen groet ik de medewerker en houd mijn bankpas tegen de pinautomaat. “Hee, jij bent juf Désirée van de bso, toch?”, klinkt het. Nu kijk ik bewust en herken ineens de blauwe pretogen. Stephan! “Wat heb ik het jullie toch vaak moeilijk gemaakt hè?”, zucht hij. Ik begrijp waarom hij het zegt, maar voel dit niet zo. Ik zoek naar woorden: “Nou nee hoor, het was alleen vaak even zoeken wat jij nodig had.” Hij vertelt dat hij nog vaak aan de bso denkt en zijn ouders laatst op een verjaardag nog praatten over Doomijn. “Ik kon niet lang stilzitten, en rekenen en schrijven lukten niet goed op school. Vaak was ik daar boos om en daardoor maakte ik zoveel ruzie met andere kinderen op de bso”, vertelt hij dan. “Maar bij jullie leerde ik hoe ik boos kon zijn zonder ruzie te maken. En jullie gaven mij het gevoel dat ik wél wat kon!” Op mijn netvlies verschijnen beelden van het koppie verward haar dat aan het einde van de middag, als bijna iedereen weg was, een compleet restaurant opbouwde in de huishoek. Hij had weer rust gevonden. Als zijn ouders kwamen, gingen we er altijd eten. Onze jas werd aangenomen, er was een mooi ontworpen menukaart en de tafels waren prachtig gedekt. “Mijn middelbare school was een ramp, maar nu doe ik een grafisch designopleiding en dat gaat goed”, vertelt Stephan enthousiast. Daar komen zijn creativiteit, oog voor detail, inzicht in computerprogramma’s en tomeloze energie absoluut van pas, bedenk ik me. Wat fijn, Stephan, dat jij bij Doomijn wilde zijn!

Désirée Dobma

Pedagogisch coach en -beleidsmedewerker

De motoriek wordt geoefend en bewegen is gezond voor lichaam en geest. Het is zelfs een van de voorwaarden om überhaupt te kunnen leren, bedenk ik me.

Stap in de kinderwereld